Gosen

Gosen - De oostelijke meren
Gosen bevindt zich in het noordoostelijke Nijldelta-gebied in Egypte. Toen Jozefs familie naar Egypte kwam om te ontkomen aan de hongersnood in Kanaän, vestigden zij zich in een regio die Gosen werd genoemd. Deze streek wordt ook wel het land van Rameses genoemd (Genesis 45:10, 47:11). Abraham moet ook door dit gebied zijn getrokken, zoals aangegeven in Genesis 12:10, toen hij en Sara Egypte tijdelijk bezochten om aan een andere hongersnood te ontsnappen.

Gosen - De oude handelsroutes
Gosen is een vruchtbare regio waar een groot aantal Aziaten tijdens het Middenrijk van Egypte naartoe migreerden. De patriarchen reisden over de oude handelsroutes aan de Middellandse Zeekust van Egypte. In Egypte werd een muurschildering van Beni Hassan ontdekt met daarop een tekst die over dit soort reizen gaat. De muurschildering dateert uit ca. 1870 voor Christus en toont vijftien nomadische Semieten die Egypte binnentrekken, net zoals Abraham en Jacob hadden gedaan (en zelfs de Midjanitische kooplui die Jozef hadden meegenomen). Het is mogelijk dat later de namen van de locaties op de muurschildering werden aangepast, zodat ze overeenkwamen met de nieuwere namen voor die locaties en de bezoekers konden weten waar deze namen op sloegen. Een duidelijk Bijbels voorbeeld hiervan vinden we in Genesis 35:19 en 48:7: "Efrat, het tegenwoordige Betlehem" (al zijn hier beide namen weergegeven).

Gosen - De archeologische ontdekkingen
Een Oostenrijkse expeditie onder leiding van Manfred Bietak ontdekte in Gosen, tijdens archeologische opgravingen van steden uit het Middenrijk (van de Hyksos) en het Nieuwe Rijk, een grote hoeveelheid bewijsmateriaal voor een Aziatische kolonisatie van de streek: Rowarti uit de 20e tot 18e eeuw, Avaris uit de 18e tot 16e eeuw, Peru-nefer uit de 16e tot 15e eeuw, en Pi-Ramses uit de 13e eeuw. De ruïnes van Avaris laten zien dat het een drukke, dichtbevolkte stad was met nauwe straten en steegjes. De gebouwen waren gebouwd met klei en stenen. Bovendien werden monumenten ontdekt die geassocieerd worden met de 12e, 13e en 19e Dynastieën, en een periode van meer dan 500 jaar beslaan. Dit is een aanwijzing voor de lange geschiedenis van de stad, een van de grootste steden in de oudheid.

De stad werd bovenop de ruïnes gebouwd van de stad Rowartie ("Poort van de Twee Wegen") uit het Middenrijk, een stad die door de Hyksos was ingenomen. Op deze locatie werden aardewerk, wapens en architectuur uit de Levant ontdekt: aanwijzingen voor een Aziatische kolonisatie van de streek. Het grote aantal teksten, kunstvoorwerpen en andere artefacten uit het Middenrijk en het Nieuwe Rijk, waaronder Egyptische papyri, grafschilderingen, inscripties en scarabeeën, is ook een aanwijzing dat mensen uit de Levant, en zelfs enkele Semieten, zich in deze streek in noordelijk Egypte gevestigd hadden. Sommige van deze Semieten waren slaven. Zij vervaardigden stenen van klei voor bouwwerkzaamheden, zij werkten in de mijnen en op het land en dienden in de huishoudens van Egyptenaren, zoals diverse Israëlieten in de Bijbel deden tijdens hun verblijf in Egypte.

De Israëlieten vestigden zich vooral in Gosen. Het is daarom waarschijnlijk dat zij zich vooral bezighielden met agrarisch werk. Sommigen van hen deden waarschijnlijk ook seizoensgebonden werk in de mijnen. Jozef, Sifra en Pua werkten als slaven in een Egyptisch huishouden. En in de tijd van Mozes vervaardigen sommige Israëlieten bouwstenen en hielpen zij bij de bouw van grote bouwwerken. Het zogenaamde "Brooklyn Papyrus" noemt bijna dertig slaven met een noordwestelijke Semitische naam, waarvan sommige Hebreeuws zijn, en dat is bewijs voor de aanwezigheid van Israëlieten in de streek. Het soort woning dat bekend staat als het typische Israëlitische "vierkamerhuis" en dat in Israël vooral in de periode van ongeveer 1230-587 voor Christus werd gebouwd, is in Egypte zowel in Tell el-Dab'a als in Memphis ontdekt en uitgegraven.

De term "het land van Shasu van Jahweh" of "Jahweh in het land van Shasu" is aangetroffen op Egyptische inscripties uit de 18e en 19e Dynastieën (ca. 15e tot 13e eeuw voor Christus). Dit zijn de oudste verwijzingen naar Jahweh uit het Oude Testament (de God van de Bijbel). De "Speos Artemidos" inscriptie, daterend uit de heerschappij van Hatsjepsoet in de 18e eeuw voor Christus, vermeldt Levantijnse herders in de Nijldelta, wat vergelijkbaar is met het verslag in Genesis 46 over de zonen van Israël als herders in het land Gosen.

    "Als de farao jullie ontbiedt en naar je beroep vraagt, dan moeten jullie hem beleefd antwoorden dat jullie al van jongs af aan veefokkers zijn, net als jullie voorouders. Dan zullen jullie je wel hier in Gosen mogen vestigen, want de Egyptenaren hebben een afschuw van schaapherders." (Genesis 46:33-34)
Bovendien vinden we in de Thora veel duidelijke Egyptische invloeden: het gouden kalf dat ons doet denken aan de Egyptische Apis stier, de ark van het verbond met afmetingen en stijl die vergelijkbaar zijn met een meubelstuk dat in het graf van Toetankhamon werd gevonden, de Tabernakel dat lijkt op het koninklijke militaire kamp van Ramses, de vroegste Hebreeuwse letters die lijken op de Egyptische hiëroglyfen en het gebruik van een groot aantal Egyptische woorden en namen in de Thora.

Gosen - Van de Exodus tot het Suezkanaal
De meren aan de oostgrens van Egypte bevonden zich aan de rand van Gosen. De oversteek van de zee tijdens de Exodus vond mogelijk plaats bij een van deze meren. Deze meren stonden vol met papyrusriet. Van noord naar zuid zijn dit de Ballah-meren, het Timsah-meer en de Bittermeren. Deze meren werden op verschillende kunstvoorwerpen afgebeeld en in oude teksten vermeld. Soms werden zij verbonden door kanalen, waarop de Egyptenaren in de oudheid de landengte konden oversteken die nu door het Suezkanaal wordt doorkruist. Een Egyptische tekst die "De leer voor koning Merikare" wordt genoemd, enkele reliëfs van de Hatsjepsoet Poent expeditie en een muurreliëf van Seti I te Karnak laten zien dat de meren en kanalen niet alleen als waterweg werden gebruikt, maar ook als het ware een muur van water vormden, die vijanden buiten Egypte hield... en de Israëlieten in Egypte hield. Het hedendaagse Suezkanaal, dat in 1869 werd geopend, is 191.5 kilometer lang. Het kanaal verbindt de Rode Zee met de Middellandse Zee en loopt door de streek van deze oostelijke grensmeren. De oude meren staan nu grotendeels droog, maar er groeit nog steeds riet in de vochtige en moerassige regio.

Leer meer!

Met dank aan Titus en onze vrienden van Drive Thru History. Copyright 2010 - Alle rechten voorbehouden in het origineel.


WAT DENK JIJ? - Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen. Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: "Jezus is Heer", dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.

Wat is jouw antwoord?

Ja, vandaag heb ik besloten om Jezus te volgen

Ja, ik ben al een volgeling van Jezus

Ik heb nog steeds vragen