 |
 |
Wat leren tafelen met spijkerschrift ons over de bijbelse tijden en het bijbelse verslag?
Spijkerschrift was een systeem om te schrijven dat in de oudheid door verschillende taalgroepen in het Nabije- en Midden-Oosten werd gebruikt om informatie in een verscheidenheid aan talen vast te leggen. Het werd meer dan drieduizend jaar lang gebruikt, van de beschavingen die meteen na de zondvloed leefden tot na de Joodse Diaspora in 70 na Christus. Spijkerschrift wordt ook wel "cuneiform schrift" genoemd. Het woord "cuneiform" stamt af van het Latijnse woord "cuneus", wat "wig" betekent. "Cuneiform" betekent dus letterlijk "wigvormig". De wigvormige letters, of spijkers, werden in een kleitablet gedrukt met een stylus die gewoonlijk van riet werd vervaardigd. De natte klei werd vervolgens gebakken of gedroogd. Het spijkerschrift werd voor het grootste gedeelte ontcijferd door archeologen Sir Henry Creswicke Rawlinson en Georg Friedrich Grotefend in de tweede helft van de 19e eeuw, hoewel er nog steeds vele spijkerschrift tafelen bestaan die in talen zijn geschreven die nog ontcijferd moeten worden.
Archeologen hebben op archeologische locaties in het Nabije- en Midden-Oosten uitgestrekte biobliotheken met spijkerschrift tafelen ontdekt. In Koning Assurbanipal's bibliotheek in Nineve werden bijvoorbeeld 22000 documenten in spijkerschrift ontdekt. De tafelen uit deze bibliotheken hebben archeologen enorm veel geleerd over de oude culturen in het Midden-Oosten. Belangrijker voor bijbelse archeologen is het feit dat met behulp van de spijkerschrift tafelen verschillende aspecten van het bijbelse verslag konden worden geverifiëerd, in het bijzonder namen en plaatsen.
Critici van het boek Daniël geloofden ooit dat Koning Belsassar van Babylonië een denkbeeldig figuur was die door de schrijver van het boek werd verzonnen. Dit kwam omdat er indertijd buiten de Joodse literatuur geen enkele referenties aan Belsassar bestonden. Dat wil zeggen, totdat spijkerschrift tafelen, die in de Mesopotamische regio waren ontdekt, werden ontcijferd en de naam van deze Babylonische koning bleken te bevatten. Tegenwoordig wordt Belsassar universeel erkend als een historisch figuur.
Een Babylonisch kleitablet bevat een referentie aan de overname van Jeruzalem door Koning Nebukadnessar tijdens de heerschappij van Jojachin.
Het meest significante voorbeeld van de bevestiging van een bijbelse gebeurtenis door een referentie in spijkerschrift is wellicht de vermelding van een grote vloed, vergelijkbaar met Noach's zondvloed, in het Sumerische Epos van Gilgamesj. Het Epos van Gilgamesj, dat in spijkerschrift werd geschreven, werd in Nineve ontdekt en verhaalt over de avonturen van een Sumerische koning met de naam Gilgamesj. Na de dood van zijn vriend Enkidu, begint Gilgamesj aan een avontuur op zoek naar onsterfelijkheid. Hij komt een Noach-achtige figuur tegen met de naam Utnapishtim, die samen met zijn vrouw een wereldwijde vloed had overleefd. Dit is niet de enige buiten-bijbelse vermelding van een wereldwijde vloed (er bestaan in feite honderden van deze referenties over de hele wereld), noch is het de enige referentie in spijkerschrift aan de zondvloed (zie bijvoorbeeld de Sumerische koningslijst). Deze dient slechts als een intrigerend voorbeeld van hoe een referentie in spijkerschrift uit de oudheid een belangrijke bijbelse gebeurtenis kan bevestigen. We kunnen misschien wel meer van dergelijke voorbeelden verwachten nu er meer en meer spijkerschrift tafelen zoals deze worden ontcijferd en vertaald.
Leer Meer Over Bijbelse Archeologie!
|
 |
 |